Staat uw vraag er niet bij? Stel uw vraag hier.
Vragen over prestatiesubsidie
Vragen over prestatiesubsidie
Scholen hebben een voorschot ontvangen uitgaande van een vsv-reductie van 15%. Wat zijn de financiële gevolgen van het niet halen van de 15%-reductie?
Indien een onderwijsinstelling het aantal nieuwe vsv'ers over het schooljaar 2007/2008 t.o.v. 2005/2006 met minder dan 15% heeft gereduceerd, betekent dit dat de prestatiesubsidie 2009 lager wordt vastgesteld dan het in oktober 2008 verstrekte voorschot. Het in oktober 2008 verstrekte voorschot is gebaseerd op een reductie van 15%. Het verschil tussen de vastgestelde prestatiesubsidie 2009 en het verstrekte voorschot wordt verrekend met het voorschot op de prestatiesubsidie 2010.
Wat zijn de financiële gevolgen als scholen een reductie van 15% of meer realiseren
Onderwijsinstellingen die reducties van 15% of meer hebben gerealiseerd, ontvangen hiervoor geen extra beloning. Op basis van de uitvoeringsregeling wordt de prestatiesubsidie niet hoger vastgesteld dan het verstrekte voorschot.
De brief bevat zowel een vaststelling van de prestatiesubsidie 2009 als een voorschot op de prestatiesubsidie 2010. Hoe zit dit?
In de brief wordt de prestatiesubsidie 2009 vastgesteld. De omvang is afhankelijk van de daadwerkelijke reductie van het aantal nieuwe vsv'ers over het schooljaar 2007/2008 ten opzichte van het schooljaar 2005/2006. Heeft de onderwijsinstelling minder dan 15% reductie gerealiseerd, dan betekent dit dat het verschil wordt verrekend met het voorschot op de prestatiesubsidie 2010.
Op basis van de brief wordt tevens het voorschot op de prestatiesubsidie 2010 verstrekt. Dit voorschot is gebaseerd op een reductie van 20% van het aantal nieuwe vsv'ers in het schooljaar 2008/2009 ten opzichte van het schooljaar 2005/2006. De uitkomst wordt vermenigvuldigd met € 2.000.
Op basis waarvan is het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters over het schooljaar 2007/2008 bepaald?
Het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters over het schooljaar 2007/2008 wordt berekend op basis van bestaande, wettelijke registraties (het basisregister onderwijs). Het basisregister omvat momenteel alle jongeren die een door het Rijk bekostigde opleiding volgen in het voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. Aan de hand hiervan wordt het aantal jongeren bepaald dat aan het begin van een schooljaar bij een onderwijsinstelling is ingeschreven (peildatum 1 oktober). Vervolgens wordt van deze jongeren nagegaan of bij aanvang van het daarop volgend schooljaar (peildatum 1 oktober) zij:
Deze laatste groep wordt beschouwd als het aantal nieuwe voortijdig schoolverlaters van de betreffende school gedurende het schooljaar.
Wanneer volgt de volgende verrekening?
In oktober 2010 volgt de volgende verrekening. Dit betreft de vaststelling van de prestatiesubsidie 2010 en het voorschot op de prestatiesubsidie 2011.
Welke reducties zijn beoogd de komende jaren?
20% reductie in schooljaar 2008/2009, 30% reductie in schooljaar 2009/2010 en 40% reductie in schooljaar 2010/2011 ten opzichte van het aantal nieuwe vsv'ers in het schooljaar 2005/2006.
Wat zijn de financiële gevolgen als een school in het laatste convenantjaar (schooljaar 2010/2011) de beoogde reductie van 40% niet haalt?
Het convenant loopt van de schooljaren 2007/2008 tot en met 2010/2011. Indien de beoogde reducties van 15, 20 en 30% voor respectievelijk de schooljaren 2007/2008, 2008/2009 en 2009/2010 niet worden gehaald, wordt het verschil (tussen het verstrekte voorschot en het bedrag van de subsidie) verrekend met het voorschot voor het daarop volgende jaar.
Indien in 2012 blijkt dat een school de beoogde reductie van 40% over het schooljaar 2010/2011 niet heeft gehaald, wordt in 2013 het verschil (tussen het verstrekte voorschot en het bedrag van de subsidie) teruggevorderd (artikel 11, tweede lid van de Uitvoeringsregeling bestrijding voortijdig schoolverlaten en regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten). Er wordt dus in 2013 geen geld teruggevorderd over eerdere jaren.
Wat zijn de gevolgen van het (gedeeltelijk) niet besteden van de prestatiesubsidie?
De prestatiesubsidie betreft een niet-geoormerkte subsidie. De subsidie wordt verstrekt met het oog op het realiseren van een landelijke vermindering van het aantal nieuwe voorijdige schoolverlaters. Verrekening van eventueel niet-bestede middelen vindt niet plaats (artikel 12, eerste lid van de Uitvoeringsregeling bestrijding voortijdig schoolverlaten en regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten).
Kan of wordt er bij de berekening en verrekening van de prestatiesubsidie rekening gehouden met de keuze van de instelling om een andere doelgroep aan te trekken, waardoor het lastig wordt om de beoogde reducties te halen?
Indien een onderwijsinstelling zich meer richt op een groep jongeren die een opleiding/traject volgen dat niet rechtstreeks opleidt tot een startkwalificatie (bijvoorbeeld op jongeren die een AKA-opleiding volgen) wordt hier bij de berekening van de prestatiesubsidie geen rekening mee gehouden. OCW is zich ervan bewust dat het hierdoor mogelijk lastiger is om de beoogde reducties te realiseren. Echter, zowel op basis van de afgesloten convenanten als de Uitvoeringsregeling bestrijding voortijdig schoolverlaten en regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten wordt hier geen rekening mee gehouden. Het is een landelijke generieke regeling en deze biedt geen ruimte om rekening te houden met specifiek beleid van een onderwijsinstelling.
Wat zijn de gevolgen van het (gedeeltelijk) niet besteden van de subsidie voor onderwijsprogramma's?
De subsidie voor de onderwijsprogramma's betreft een geoormerkte subsidie. De subsidie mag uitsluitend worden aangewend met het oog op het realiseren van een landelijke vermindering van het aantal nieuwe voortijdige schoolverlaters. De subsidie moet uiterlijk in 2011 zijn besteed. Eventueel niet-bestede middelen worden na afloop van de looptijd van de subsidie (na 2011) teruggevorderd (artikel 24, eerste lid van de Uitvoeringsregeling bestrijding voortijdig schoolverlaten en regionale meld- en coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten).
